Reisverhalen


logo van Twin-travel

Regelmatig ontvangt Twin-travel verslagen van de reizen, die onze stichting organiseert. Daarnaast staan er wel eens berichten in de krant over onze organisatie. Hieronder een overzicht van deze verslagen en berichten.




VAKANTIE IN IERLAND



Van 23 tot en met 30 augustus 2003 waren Wim en ik op vakantie met Twin Travel in Ierland. Onze groep telde 8 deelnemers en 8 begeleiders. Daarnaast hadden nog 31 reizigers rechtstreeks geboekt bij de Jong Intravakanties; een volle bus dus!

Zaterdag 23 augustus
Precies volgens afspraak reed om 09.45 uur de taxi voor. Op Schiphol brachten mensen van de Internationale HulpDienst ons naar balie 17 in vertrekhal 3. Daar stonden reisleider Wim Kockx en zijn vrouw Hermie ons al op te wachten. Toen de TWIN groep compleet was, zijn we ingecheckt en kwam er tijd voor koffie.

Vanaf 12.30 uur konden we het gloednieuwe vliegtuig in dat, goed op tijd, om 13.00 uur vertrok. We vlogen met Martinair. Tijdens de vlucht kregen we een lichte lunch aangeboden.
Na de landing op Shannon Airport hadden we al gauw de koffers en liepen naar buiten waar de bus klaar stond. Reisleidster Jennifer en Ierse chauffeur John zouden ons deze week vergezellen. Direct al in de bus werd de TWIN Travelgroep voorgesteld aan de rest van het gezelschap. Dit heeft ons in het verloop van de week veel goodwill opgeleverd. Een prachtig integratieproject.

We reden naar de Westkust waar de Cliffs of Moher, 200 m. hoog, loodrecht uit de Atlantische Oceaan oprijzen. Een adembenemend schouwspel en een bijzondere manier om kennis te maken met Ierland. We kregen de tijd om langs het smalle pad, met trappen, naar een kasteelruïne te lopen en raakten verrast door de stilte, het prachtige landschap en de muzikanten die her en der hun wijsjes speelden of zongen.

Later reden we verder naar het Imperial Hotel in Lisdoonvarna. Hier zouden we 2 nachten blijven. Na het verkennen van onze kamer lieten we ons het driegangen-keuzediner goed smaken.
Na het eten verzamelden we ons in de hal voor het TWINoverleg. De koppels voor de volgende dag werden aangekondigd, en we hebben, op mijn voorstel, een kennismakingsrondje gedaan. Later zijn we nog even Lisdoonvarna ingelopen op zoek naar een leuke pub. Het was erg druk in dit uitgaanscentrum. Niet al te laat gingen we naar bed.


Na een keurig uitgeserveerd Iers ontbijt vertrokken we op zondag naar "The Burren", een uitgestrekt kaal kalksteenplateau aan de Baai van Galway. Een mooie busrit door een afwisselend landschap. Jennifer vertelde onderweg over Poulnaborne Dolmen (een steengraf dat we passeerden) en steenringen waarbinnen de Kelten hun gezin, vee en eigendommen beschermden.
Later kregen we een film te zien over de bijzondere historie en geologie van dit gebied en we konden een kijkje nemen in het museum.


Na de lunch bezochten we het Bunratty Folklore Park, een openluchtmuseum dat toont hoe Ierland er rond 1900 moet hebben uitgezien. Er waren veel boerderijen, cottages en zelfs een volledig ingerichte straat met winkeltjes, schooltje, natuurlijk een pub en een doktershuis. We hebben er heerlijk rondgedwaald en allerlei werktuigen bekeken die buiten opgesteld stonden. Eer we vertrokken, namen we nog een ijsje bij "Durty Nelly's". Deze pub aan het begin van het park ontleent zijn naam aan een vrouw van lichte zeden en dat is kennelijk niet "dirty" maar "durty". Na het diner liepen we met een paar mensen nog een blokje om en toen hebben we op een rustig paadje ervaren hoe echt "doodstil" het kan zijn. Een belevenis! Dat maak je in Nederland haast niet meer mee. Moe maar voldaan zochten we bijtijds ons bed op.

Op maandag vroeg op, want we gingen verkassen naar Cork. Koffers pakken en op tijd in de bus, om de veerboot te kunnen halen. Een vaart van zo'n 20 minuten in zuidelijke richting over de Shannon.

In Tralee bezochten we een historisch museum. Vooral het middeleeuws Tralee vonden we leuk. Er waren allerlei taferelen nagebouwd met poppen en voorwerpen. Je hoorde tal van, soms angstaanjagende, geluiden en het rook er ook niet bepaald fris. Je kon je een beetje voorstellen hoe het in die tijd moet zijn geweest.
Buiten gekomen zijn we nog door de rozentuin gelopen en we bezochten een kerk met pilaren voorzien van mozaiekwerk en prachtig gebrandschilderde ramen.

De lunch gebruikten we bij de druipsteengrotten van Crag Cave. Deze grotten zijn zo'n 20 jaar geleden bij toeval ontdekt, en heel mooi aangepast. De paden waren goed begaanbaar. Bij het schijnsel van de sfeerverlichting konden we genieten van de vele stalagmieten en stalactieten die resp. stonden en hingen.
Langs heel smalle weggetjes, waarbij het soms bijna leek of we verdwaalden, reden we verder. In Cork kregen we nog even tijd om rond te kijken. Toen reden we naar het hotel "Ibis" dat op enige afstand buiten het centrum ligt. Het zag er wel netjes maar wat onpersoonlijk uit. Na het diner hebben we de avond gezellig met elkaar doorgebracht: kaarten schrijvend en met een spelletje.

Op dinsdag gingen we de oude Jameson wiskeydistilleerderij bezoeken en er nog van proeven ook. Buiten maakten we al kennis met het visitekaartje van het bedrijf: een hele grote, prachtig opgepoetste koperen fermenteerketel. Jennifer leidde ons de verschillende gebouwen door en vertelde over het productieproces. Het grote verschil tussen de Schotse whisky en de Ierse whiskey is niet alleen de "e", maar ook dat dit Ierse product wel drie keer ingedampt wordt, waardoor hij volgens zeggen een zachtere smaak heeft.
Zoals beloofd eindigden we in de bar. Voor ieder was er een glas whiskey of, als je dat niet wilde, vruchtensap. Tevens mochten 5 uitverkorenen wel zes verschillende soorten keuren. Het werd een heuse ceremonie. Na afloop kreeg iedere fijnproever een certificaat mee.


We reden verder naar het Blarney Castle waar je, door het kussen van de beroemde Blarney Stone de gave van welsprekendheid zou kunnen verwerven. Je moest hier wel een oneindige reeks trappen beklimmen en vervolgens bijna halsbrekende toeren uithalen om bij die steen te komen. Op de vlucht gejaagd door hevige regen zijn we uitgebreid gaan lunchen in een oer-Ierse pub.

's Middags waren we vrij. We probeerden een wandeling te maken, maar zijn al gauw gestrand vanwege de stortbuien. Dus hebben we onze tijd maar in de hal doorgebracht met een praatje, een spelletje en een glas wijn. Na het avondeten zijn we al snel naar onze kamer vertrokken.

Op woensdag moesten opnieuw de koffers in de bus, want we zouden Cork gaan verlaten. We reden in westelijke richting door een lieflijk berglandschap met valleien en meren, naar Bantry Bay. Ondanks oponthoud arriveerden we op tijd in Glengariff. Van hieruit gingen we met een overdekt bootje naar Garinish Island om er de tuinen te bewonderen. Onderweg konden we de zeehondjes zien die op de diverse rotseilandjes lekker lagen te zonnen. Na de koffie met citroencake zijn we de tuin ingelopen en hebben, al kletsend, genoten van het zonnige weer en de mooie omgeving.


Rond lunchtijd bracht de boot ons naar een heel sjiek VIP-hotel aan Bantry Bay. Later reden we naar het kleurrijke stadje Kenmare, onze verblijfplaats voor de laatste 3 nachten. Voor het diner was er gelegenheid in het stadje vast een beetje sfeer te proeven. Wat vooral opviel waren de veelkleurige huisjes. We hebben er even rondgelopen tot het tijd werd om naar het hotel te gaan. Ook hier wachtte ons een royale logeerkamer. Het diner werd gebruikt aan tafels van 4 of 6 personen. We kregen weer een smakelijk meerkeuzemenu voorgezet.


Eerder die dag hadden we ons aangemeld voor het avondprogramma: een echte Ierse Riverdance-achtige show: "To dance on the Moon". Als voorbereiding daarop hebben we het verhaal in het Nederlands gelezen. Zo wisten we bij benadering wat ons te wachten zou staan.
Na het eten vertrokken we per bus naar Killarney. De show speelde in een groot modern theater. Het ging om een liefdesverhaal van twee mensen die elkaar, na veel beproevingen, pas vonden. Er kwamen diverse mythische wezens van het Keltische Ierland in voor, zoals de Zalm der Kennis en het Heilige Witte Paard. Het was een pracht spektakel van muziek, toneelspel en vooral veel en vaak snelle - dans. Geweldig om mee te maken.


Op donderdag gingen we naar het Killarney National Park. Onderweg stopten we bij "Ladies View" waar we, net als ooit Koningin Victoria, konden uitkijken over de drie meren van Killarney. Na de busrit stapten we over in paardenkoetsen voor een tochtje langs Loch Leane in het National Park. Halverwege hielden we nog even halt om de ruïne op het eilandje te bekijken en daarna ging het, al hobbelend, weer verder totdat we, na ruim een uur, weer bij de bus aankwamen; heel leuk.

We reden door naar het Muckross House en landgoed. Dit was een erg fraai kasteel; bijzonder ook dat wij in alle ruimten veel meubels en voorwerpen op onze eigen manier mochten bekijken. We zijn overal geweest: van de deftigste salon tot de keuken in het souterrain. Weer in Killarney, na de lunch buiten en een wandeling door het prachtige park, stopten we nog bij een grillig gevormde boomgroep waar je, met fantasie, van alles in kon zien. Via een mooie route, reden we terug naar het hotel. Omdat het nu zonnig weer was, werd besloten een groepsfoto te (laten) maken op het groenste Ierse grasveld achter ons hotel.
Omdat het de avond daarvoor laat was geworden, zijn we deze keer vroeg onder zeil gegaan.

Jenifer zou op vrijdag pas onderweg instappen. Vandaar, dat reisleider Wim ons die ochtend verwelkomde. In de buurt van Killarney pikten we Jennifer weer op en zij begon direct op haar unieke manier enthousiast te vertellen over de mooie rondtrip die we vandaag gingen maken.
De eerste stop was bij een 18e eeuws turfdorpje. We zagen de witte huisjes met strodaken en hun authentieke inrichting. Leuk om iets van die sfeer van destijds te proeven.
Proeven deden we later ook van onze eerste Irish Coffee, lekker in het zonnetje.
Verder op onze tocht ontmoetten we Brandon, een Ierse schapenfokker die liet zien hoe zijn honden op zijn fluitcommando"s de schapen bijeendreven. Eerst liet hij alle schapen langs ons groepje paraderen, zodat we de verschillende soorten konden voelen. Daarna stuurde hij de schapen naar een plek halverwege de heuvel waar we op uitkeken. De honden deden hun werk prima, want geen schaap ging verloren. Boeiend om dit samenspel zo van dichtbij te beleven.


De lunch gebruikten we ergens langs de kust met een prachtig uitzicht op zee.
Na de sandwiches was er nog wat tijd voor een wandeling.
Later toerden we verder. Ook nu weer was er genoeg moois te bewonderen. In het plaatsje Dingle, bij Parknasilla, stopten we voor een ijsje bij Murphy's Bar: een zuurstok roze huis dat prachtig afstak tegen de blauwe lucht. We hebben er even rondgelopen en kaarten gekocht.
Tegen de avond waren we terug in het hotel. Na het diner zijn we met een paar mensen nog in Kenmare naar een leuke pub gegaan. Daar hebben we, lekker informeel, de vakantie uitgeluid.


Zaterdag: Alweer de laatste vakantiedag. Tijd om onze koffers definitief te pakken.
We hadden nog een lange rit te gaan naar het vliegveld. De koffie gebruikten we in een oud dorpje, ietwat vergelijkbaar, maar minder mooi dan het turfdorpje van gisteren. Toen kwam het moment van de laatste reisetappe. Namens de groep hield Wim een geestig slotwoord, waarin hij Jennifer en John bedankte voor hun inzet om ons het fraaie Ierland te laten beleven. Tevens ging er een compliment naar het hele gezelschap, omdat wij ons, als TWIN-groep, direct opgenomen mochten voelen. "We waren nu gewoon één familie De Jong geworden" aldus Wim.


Om 12.30 uur kwamen we aan bij Shannon Airport en namen hartelijk afscheid van Jennifer en John. Bij het inchecken bleek dat Er een vertraging van 2 uur werd verwacht. Jammer, maar nu hielden we wel tijd te over om adressen uit te wisselen.


Inderdaad mochten wij 2 uur later het vliegtuig in. De terugreis verliep voorspoedig en we landden om 19.00 uur op Schiphol. Wij van TWIN verlieten als laatsten het vliegtuig. Aan het eind van de slurf wilden we, ietwat onder-ons, afscheid van elkaar nemen, maar werden er haast overvallen door de hele groep. Het werd een beetje druk, maar we vonden het wel heel hartelijk. Na het ophalen van de koffers gingen we naar de STA-balie, waar de taxi zou moeten komen. Helaas verliep dit niet zoals het hoort. Pas om 21.00 uur konden we uiteindelijk mee. Zodoende kwamen we pas rond 22.00 uur aan op de Burggravenlaan.

Het was een heerlijke vakantie, waarvan we nog lang zullen nagenieten.

Joke en Wim


Terug naar het overzicht


Terug naar boven

Terug naar index-pagina

Reageer